Nederlandse taal  English language  Deutsche Sprache 

Rijtuig 21 van Museumstoomtram Hoorn-Medemblik (SHM)

Foto: Copyright Wouter Adriaanse

NaamGoTM 21
FabrikantAllan & Co´s Koninklijke Nederlandsche Fabrieken van Meubelen en Spoorwegmaterieel N.V., Rotterdam
TypePersonenrijtuig
Bouwjaar1915
Spoorwijdte1435 mm
StandplaatsHoorn
Bedrijfswaardigja
Status NRRB
Lengte o/b14,202 m
Asindeling2'2'
Oorspr.eigenaarsNederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij (NCS), Staats Spoorwegen (SS), Nederlandsche Spoorwegen (NS), Gooische Tramweg-Maatschappij (GoTM), Noord-Zuid-Hollandsche Tramweg-Maatschappij (NZHTM)
Hist. nummersNCS BC6, SS BC216, NS BC216, GoTM 21, NZHTM B26
      

Personenrijtuig GoTM 21

In 1915 bouwde Allan uit Rotterdam twee vierassige rijtuigen voor de 'Zuiderzeetram' (Nunspeet-Hattemerbroek) van de Nederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij (NCS), welke in dienst kwamen onder de nummers BC5-6. De rijtuigen werden besteld om het rijtuigenpark uit te breiden na de opening van de zijlijn Wezep-De Zande in 1914. De rijtuigen waren eenvoudig ingericht met langsbanken, waarbij in de tweede klasse 12 en in de derde klasse 26 zitplaatsen aanwezig waren. Daarnaast bezat elk balkon nog eens 10 staanplaatsen, waarmee de totale capaciteit op 58 personen kwam. De rijtuigen waren uitgerust met met schroef- en luchtdrukremmen, gasverlichting en stoomverwarming.


In 1919 ging de NCS op in de Staats Spoorwegen (SS), alwaar de rijtuigen werden vernummerd tot BC215-216. Toen de SS overging in de Nederlandsche Spoorwegen (NS) behielden de rijtuigen hun nummers. Toen de tramlijn naar Nunspeet in 1931 werd opgeheven gingen de rijtuigen naar de lijn Kwadijk-Volendam, alwaar ze tot 1933 dienst deden. Na de opheffing van de lijn gingen de rijtuigen naar de Gooische Tramweg-Maatschappij (GoTM), waarbij de ze werden omgenummerd tot 19 en 21. Bij de GoTM deden de 19 en 21 na in dienst stelling in 1934, dienst achter de grote motorrijtuigen 10-19. Bij het inkrimpen van het GoTM-net gingen de rijtuigen terug naar de NS, waarvandaan ze werden overgedaan naar de Noord-Zuid-Hollandsche Tramweg-Maatschappij (NZHTM).


Bij de NZHTM kwamen de rijtuigen in dienst als bijwagen voor de elecktrische tramlijnen als de B25-26. Rond 1941 werd ook het uiterlijk van de rijtuigen veranderd, waarbij rechte raamlijsten werden gemonteerd op de typische gebogen bovenzijde van de zijramen. Ook werden over de schrootjes aan de zijkant van de bijwagen metalen platen geplaatst. Als bijwagen deden ze dienst achter de gelede motorrijtuigen A601-602 en A619-620 op de lijn Haarlem-Leiden. Na de opheffing van deze lijn in 1949 gingen de bijwagens naar de lijn Scheveningen-Den Haag-Leiden-Katwijk/Noorwijk. In hetzelfde jaar kreeg de B25 gesloten balkons echter bij de B26 is het nooit zover gekomen.


Bij de opheffing van de NZH lijnen in november 1961 gingen de rijtuigen buiten dienst. Vanwege zijn grote historische waarde werd de B26 geschonken aan de Nederlandsche Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en Tramwegwezen (NVBS) en opgeslagen in de loods in Hoorn. De NVBS schonk de B26 aan de Tramweg Stichting (TS) welke het rijtuig onderbracht bij de Museumstoomtram Hoorn-Medemblik.


Tussen 1965 en 1971 heeft het rijtuig een revisie en restauratie ondergaan, waarbij alle kenmerken uit de GoTM tijd weer zijn aangebracht. Sinds 1971 doet de GoTM 21 weer dienst bij de Museumstoomtram.


Geschiedenis

1915-1961    In dienst bij de NSC, SS, NS, GoTM en NZHTM als personenrijtuig
1961    Verkocht aan de NVBS, opgeslagen in Hoorn
1965    Overgedragen aan de TS, later Museumstoomtram
1971    Restauratie en revisie naar de toestand van de GoTM en in dienst gesteld

Data beheerd door:
W. Adriaanse, email: w_adriaanse(a)zonnet.nl
Vervang (a) door @, dit is een antispam maatregel.