Loc 5


Foto copyright Sevrien Ferrée
TWE 152 te Hbg op 24-03-2012
Naam   TWE 152 / ELNA
Tractievorm   Stoom
Fabrikant   Henschel & Sohn, Kassel (D)
Type   ELNA 5
Fabrieksnummer   20818
Bouwjaar   1927
Spoorwijdte   1435 mm
Standplaats   Haaksbergen
Bedrijfswaardig   nee
Gewicht   54
Lengte o/b   10,020 mm   (10.02 meter)
Asindeling   1'Ch2t
Max. snelheid   65 km/h
Tractiedetails   

Met oververhitter. Heusinger stoomverdeling.

Oorspr.eigenaars   TWE
Hist. nummers   TWE 19 / TWE 152 / KKB 152 / JK 152


      

Ontwerp en bouw

In 1921 startte in Duitsland een nieuwe ontwikkeling in de stoomlocomotievenbouw voor de particuliere lokaalspoorwegen. De verschillende locomotieffabrieken werkten hierin samen. Men ontwierp een aantal locomotieftypes van verschillende grootte, gewicht, as-indeling, vermogen en snelheid, die echter vergaand uit identieke onderdelen waren samengesteld. Het betrof dus een standaardisatie en normering van zowel de verschillende types als van de onderdelen daarvan, gericht op zwaardere treinen, hogere snelheden, lagere ontwerp- en productiekosten, snellere productie, kleinere onderdelenvoorraad en goedkoper onderhoud. De naam waaronder de locomotieven van dit ontwerp tot op heden voortleven is ontleend aan de afkorting van de naam van het comité dat dit bouwprogramma heeft bedacht en ontworpen, de Engeren Lokomotiv-Normen-Ausschuß, oftewel ELNA.

 

Historische inzet

MBS loc 5 is van het type ELNA 5. Ze is bij de Teutoburger Wald-Eisenbahn (TWE) in dienst gesteld onder nummer 19 en na de oorlog vernummerd in TWE 152. De loc is in 1956 verkocht aan de Kleinbahn Kaldenkirchen-Brüggen, vlak over de grens bij Venlo. Nadat ze in 1959 nog enkele dagen op de Kleinbahn Beuel-Großenbusch dienst heeft gedaan, is ze in april van dat jaar naar de Jülicher Kreisbahn gegaan, ten Noordoosten van Aken. Hier heeft ze, nog steeds onder hetzelfde nummer 152, dienst gedaan tot 1972.

 

Museaal verleden

In dat zelfde jaar is de loc onder nummer 3, als grootste stoomloc in de MBS collectie, naar Haaksbergen gekomen. In 1973 is ze slechts een enkele keer onder stoom geweest alvorens ze in 1975 naar de werkplaats van de Bentheimer Eisenbahn (BE) in Neuenhaus (net over de grens bij Ootmarsum) werd overgebracht. Daar is toen door MBS medewerkers een begin gemaakt met de grote revisie. Toen in 1977 de financiën uitgeput waren en de BE haar werkplaatsruimte zelf nodig had, is de revisie stopgezet en de gedeeltelijk gereviseerde loc naar Haaksbergen overgebracht. Daar is ze vervolgens vele jaren letterlijk onder zeil gegaan en bivakkeerde, bij gebrek aan stallingsruimte, buiten in weer en wind. Later, toen in Boekelo de Romneyloods was gebouwd (inmiddels vervangen door Museumdepot), is zij aldaar gestald.

 

In 1993 is de revisie weer in eigen beheer ter hand genomen en bijna 2 jaar later was ze compleet herboren. De loc heeft tijdens die restauratie haar zwart-rode uiterlijk verruild voor het blauw-zwarte jasje dat ze nu heeft. Ze werd in 1995 bij MBS in dienst gesteld onder nummer 5, verwijzend naar de typeaanduiding ‘ELNA 5’. Inmiddels echter grijpt MBS, ook bij het uit Duitsland afkomstige materieel, zoveel mogelijk consequent terug naar de historisch gefundeerde nummering en kleurstelling. Bij de tussenrevisie in de winter van 2011/2012 is de loc dan ook voorzien van vier historische locplaten met het opschrift TWE 152 en zijn er enkele schilderklussen uitgevoerd. Zo werden onder andere de bufferbalken alsmede de ketelbanden opnieuw geschilderd.

 

Ze representeert een grote en belangrijke periode in de geschiedenis van de particuliere lokaalspoorwegen in de EUREGIO. Na haar restauratie wordt ze veelvuldig ingezet op de drukkere rijdagen en voor extra ritten. Hierbij is zij een zeer bijzondere verschijning, in het bijzonder wanneer ze met de restauratiewagen op pad is. Voor onze spoorlijn en onze vervoersomvang is ze echter wel enigszins overgedimensioneerd.

 

Waardestelling, huidige inzet en toekomst

Samen met de lokaalspoorrijtuigen afkomstig van de BLE (MBS 35/36/37) en/of met de lokaalspoorrijtuigen afkomstig van BE/MHE (MBS 30/41/44/56) kan ze een representatieve treincompositie vormen, refererend aan de laatste opbloeiperiode van de stoomtractie in de 50-er jaren. Binnen enkele jaren zal enig ketelherstel noodzakelijk worden. Bij die gelegenheid zal ze ook nog verder worden teruggebracht in haar oorspronkelijke uiterlijk.

 

Aanbevolen bronnen

 
 
   Vorige    Overzicht     Volgende
Met dank aan de Nederlandse Museum Materieel Database